Informatie
Cursussen
Musea
Contact
Site map
     
Home
Informatie
Cursusaanbod
Cursussen
Kunstgeschiedenis
De kunst van de Middeleeuwen
Een ´Grand Tour' door Italië
De Renaissance ten noorden van de Alpen
De Werelden van Rembrandt en Rubens
Van Romantiek tot Realisme
Het Impressionisme
De kunst van de 20ste Eeuw deel I
De kunst van de 20ste Eeuw deel II

De kunst van de 20ste Eeuw deel III

Cursussen
Kunstbeschouwing
Musea
Contact
Kunstenaars
Door Vrouwen Verbeeld deel I
Een (her)ontdekking van vrouwelijke kunstenaars
van de Oudheid tot en met de 19de eeuw
 

Kunstbeschouwing IV - Door Vrouwen Verbeeld

“Vrijheid wordt iemand niet gegeven, die moet je nemen.”
Meret Oppenheim (1913 – 1985)

Vanaf de tijd dat de mens zichzelf en de wereld om hem / haar heen verbeeldt (± 35.000 v. Chr.), zijn er vrouwelijke kunstbeoefenaars geweest. De drang om kunst te maken is immers geen exclusief mannelijke behoefte en ook zijn artistieke kwaliteiten niet alleen toebedeeld aan het mannelijke geslacht. Tóch voeren een mannelijke kunstopvatting en mannelijke kunstenaars uitdrukkelijk de boventoon in de traditionele kunstgeschiedschrijving (neemt een aanvang aan het begin van de 19de eeuw).

"Why have there been no great women artists?" was de titel van het baanbrekende kritische essay uit 1971 van de Amerikaanse kunsthistorica Linda Nochlin. Vele vrouwelijke kunstenaars zijn in de vergetelheid geraakt én veel getalenteerde vrouwen zijn opgegaan in het aura van hun mannelijke 'geniale' Meesters.

Welke ideologische en maatschappelijke oorzaken liggen in de geschiedenis ten grondslag aan deze fundamentele ongelijkheid én dus aan de vele beperkingen die vrouwen hebben belet zowel in de privésfeer als in het openbare leven volwaardig invulling te geven aan hun kunstenaarspraktijk.

  Deze centrale vraag vormt de leidraad in een reis in twee delen door de kunstgeschiedenis van prehistorie tot nu langs getalenteerde artistieke vrouwen.
 

Uiteraard wordt in deze benadering de visie gehanteerd dat kunstuitingen gezien moeten worden in de context van hun tijd (heersende visie op de mens en zijn bestaan, wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen, maatschappelijke verhoudingen).

In deel I staat de ontwikkeling van vrouwelijke kunstenaars tot 1900 centraal.
In 10 bijeenkomsten én een afsluitende museumdag komen aan de orde:

Aan de vergetelheid ontstegen; Vrouwbeelden uit de prehistorie en opvallende vrouwen uit het culturele leven van de Oudheid en de Middeleeuwen

Vrouwelijke kunstenaars van de Renaissance tot en met de 19de eeuw; De rode draad tijdens deze verkenningstocht wordt gevormd door de ongelijke uitgangspositie op het terrein van:
- Deelname aan academische opleidingen
- Naakt tekenen naar levend model
- De mogelijkheid te reizen en zo de wereld te verkennen
- De maatschappelijke waardering voor ‘het vrouwelijke’ en ‘het mannelijke’
- Deelname aan het openbare leven.

Zelfportretten: vrouwen en hun zelfbeeld Deel 1
  Een greep uit de ontmoetingen: De anonieme maker of maakster van de Venus van Willendorf (± 25.000 v.Chr.), Sofonisba Anguissola, Properzia de'Rossi, Catharina van Hemessen, Artemisia Gentileschi, Anna Maria van Schurman, Judith Leyster, Rosalba Carriera, Elisabeth Vigée-Lebrun, Angelica Kauffmann, Rosa Bonheur, Camille Claudel, Berthe Morrisot, Mary Cassatt, Thérèse Schwartze en Suze Robertson.